Steun de petitie tegen misbruik van Europese gelden voor de financiering van Palestijns terrorisme

Onderteken

Nederlandse vertaling

Aan het Europese Parlement, de Europese Commissie en de Raad van de Europese Unie

Sinds 2001 heeft de EU ongeveer 10% van het budget van de Palestijnse Autoriteit gefinancierd. Dit budget is onder andere gebruikt voor het betalen van terroristische activiteiten die de dood of het verwonden van honderden Israëlische burgers hebben veroorzaakt.

Bewijzen van het door PA financieren van terreuraanslagen zijn gevonden in de door het Israëlische leger gevonden documenten in de kantoren van de Palestijnse Autoriteit. Het materiaal houdt onder andere brieven in, persoonlijk ondertekend door Arafat, waarin hij het Palestijnse ministerie van Financiën opdracht geeft geld over te maken naar terreur organisaties.

Hoewel we er van overtuigd zijn dat de EU nooit de bedoeling heeft gehad met haar budgettaire hulp aan de PA terreur acties te ondersteunen, valt het niet te ontkennen dat de EU controlemechanismen aangaande de Palestijnse uitgaven ontoereikend zijn geweest.

Ondergetekenden, staatsburgers van de Europese Unie, samen met anderen die onze ernstige verontrusting delen in deze zaak delen, verzoeken de instellingen van de Europese Unie:

1. De verantwoordelijkheid te aanvaarden voor het indirect financieren van terroristische activiteiten tegen Israël.

2. Er voor zorg te dragen dat eventuele verdere EU financiële steun aan de PA niet voor terroristische activiteiten wordt gebruikt.

3. Financiële hulp aan de PA op te schorten zolang er nog geen doeltreffende controlemechanismen bestaan.

De initiatiefnemers:
Henri Orquera, La Seyne sur Mer, France
Joy Wolfe, Manchester, England

 

terug 

 

Hoe Arafat een hele generatie opvoedde tot moord

Door Charles Krauthammer, Washington Post, 3 april 2002
Vertaling

Sinds 11 September is Amerika gaan beseffen wat de betekenis is van het anti-Amerikaanse venijn in de door de staat gecontroleerde media van vriendelijke landen als Egypte en Saudi-Arabië.
We gaan nu pas begrijpen hoe een dagelijkse portie haat, opgediend door scholen en media, zijn gevolg had in de slachtpartij van de 11e September.

Wij hebben echter niet ingezien hoe een gelijksoortige haatcampagne de basis legde voor de orgie van zelfmoord - moordenaars die nu onder de Palestijnen actief is. Een moeder vertelt trots op een videotape dat zij haar 18-jarige zoon naar zijn dood zond om zoveel mogelijk Joden te doden. Dat is ongehoord. Voor de Oslo- vredesakkoorden van 1993 waren zelfmoordmoordenaars praktisch onbekend bij de Palestijnen.

Maar ze hadden wel grieven voor 1993. Die zelfmoordbommen begonnen juist in de periode van Israëlische verzoening en vredestichting, erkenning van de PLO, Israëlische concessies over afstand van grondgebied, stichting van de Palestijnse Autoriteit, aanvaarding van gewapende Palestijnse politie - tot zelfs het bieden van een onafhankelijke Palestijnse staat met als hoofdstad het verdeelde Jeruzalem. Het was juist in die tijd dat de zelfmoordbommen begonnen.

Waar kwam dat dan vandaan? Gedurende de vorige 8 jaar, de jaren van het Oslo-'vredes'proces, had voorzitter Arafat de volledige controle over alle organen van Palestijnse opvoeding en propaganda. Er is veel haat nodig voor mensen om hun kinderen zelfmoord te laten plegen. Arafat heeft ze dat geleerd. Zijn televisie, zijn kranten, zijn godsdienstonderwijzers hebben een antisemitisme ontketend, ongekend sinds de Duitse Nazi-jaren.

Toen de Amerikaanse vredesonderhandelaar Dennis Ross vorig jaar aftrad, erkende hij, terecht, dat tijdens de Clinton-jaren een grote fout was gemaakt door diplomatiek blind te willen zijn voor de giftige hetze in Palestijnse media. Zoals Osama bin Laden de 90er jaren indoctrineerde voor moord, zo heeft Arafat een hele generatie geschoold in haat tegen de "Joden - Nazi's". Het gaat niet alleen om het ontbreken van Israël in de Palestijnse landkaarten, het gaat verder met de beschrijving van de holocaust als een Joodse fantasie.

Het gaat om grove opwekking tot moord, zoals gepredikt in de door Arafat benoemde en betaalde Achmad Aboe Halabia-uitzending op de officiële Palestijnse televisie, vroeg in de intifada. Het onderwerp is: "de Joden"  (let op, niet de Israëli, maar de Joden):
"Ze moeten worden geslacht en gedood, zoals Allah, de Almachtige heeft gezegd: bestrijd ze, Allah zal ze martelen door Uw handen. Heb geen medelijden met de Joden, waar ze ook zijn, in elk land. Bestrijd ze, waar U ook bent. Waar U ze ontmoet, dood ze."!

De opgegeven reden voor zulke moordpartijen is dat Joden slecht zijn, zoals in de hele Arabische wereld wordt onderwezen. Op 10 Maart, bij voorbeeld, verscheen in de officiële Saudische krant al Riyadh een artikel waarin in detail wordt beschreven hoe Joden ritueel Christen- en Moslimkinderen slachten om hun bloed te gebruiken in hun feestelijke voedsel. Er werd zorgvuldig in uitgelegd dat voor het Joodse Poerimfeest de Joden een jongeman moeten doden, en voor het Joodse Paasfeest een kind van 10 jaar of jonger.

Toen dit artikel bekend werd in vertaling, moest de redacteur onder druk zich verontschuldigen. Hij zei uit de stad te zijn geweest toen het verscheen. Vreemd excuus, daar het artikel in een tweedelige serie is verschenen.

Voor vrede moet een bevolking voorbereid worden. Egypte's Anwar Sadat deed dat na het tekenen van een vredesverdrag met Israël. De Israëli deden dat na het tekenen van Oslo. Bij het 50-jarig bestaan van de staat Israël zond de Israëlische televisie een meerdelige historische documentaire uit waarin de Palestijnen met veel begrip en sympathie werden getoond.

Terwijl Israëlische leiders hun volk voorbereidden op vrede, bereidde Arafat zijn volk voor op oorlog, de oorlog die hij uitriep twee maanden na Israëls vredesvoorstel in Camp-David in Juli 2000, met een antisemitische haatcampagne in al zijn media en een verheerlijking van "martelaarschap" en moord. Wij zien nu de resultaten in de straten van Jeruzalem.

 
terug 

 


 

Israel vindt bom in Palestijnse ambulance

De Telegraaf, 27 maart 2002

JERUZALEM - Het Israëlische leger zegt explosieven te hebben gevonden in een Palestijnse ambulance. Het gaat om een in een kledingstuk genaaide riem met explosieven die gebruikt worden bij zelfmoordaanslagen. De ambulance vervoerde een vrouw en drie kinderen naar Ramallah.

Woordvoerder Sharqawi van de Palestijnse Rode Halve Maan zei woensdag geschokt te zijn door de vondst en beloofde samen te werken aan een onderzoek van Israël of de Palestijnse Autoriteit. Hij verweet het leger wel dat het probeerde propagandistisch voordeel uit het incident te trekken.

Een militaire woordvoerder in Jeruzalem zei dat de ziekenwagen was aangehouden voor een onverwachte controle. De ongeveer tien kilo explosieven waren genaaid in een jas die was verborgen in een matras waarop een van de kinderen lag. Het kledingstuk was klaar voor gebruik.

De chauffeur van de ambulance gaf toe dat hij probeerde een bom te smokkelen naar Ramallah in opdracht van de gewapende tak van Fatah, van de Palestijnse leider Arafat.
De legerwoordvoerder zei dat het niet de eerste keer is dat een ambulance is ingezet voor "het vervoer van aanvallers en explosieven. Chauffeurs van de Rode Halve Maan zijn eerder gebruikt voor missies van terreurorganisaties".

 
terug 

 


Bewijs voor Arafats schuld

De Telegraaf, 3 april 2002

JERUZALEM - Het Israëlische leger heeft dinsdag een document gepresenteerd dat zou bewijzen dat de Palestijnse leider Arafat verantwoordelijk is voor de Palestijnse zelfmoordaanslagen. Dat meldt de Israëlische krant Haaretz.
Naar eigen zeggen heeft het leger het papier in beslag genomen tijdens een inval in het kantoor van Fuad al-Shubaki in Ramallah, op de Westelijke Jordaanoever. Al-Shubaki is het hoofd van de financiële dienst van de Palestijnse Autoriteit. Hij had het document toegestuurd gekregen van de al-Aqsa Martelaren brigade, die banden heeft met de Fatah-beweging van Arafat.

Het gaat om een lijst van vorderingen op de Palestijnse Autoriteit voor uitgevoerde zelfmoordaanslagen. Daarop staan onder meer de kosten voor steun aan de families van de daders. Ook bevat de lijst gedetailleerde opgaven van kosten voor elektronische en chemische onderdelen voor explosieven, volgens de opstellers de grootste kostenpost.

Naast het document zijn volgens het Israëlische leger aantekeningen en berekeningen van het kantoor van al-Shubaki gevonden en grote hoeveelheden vals Israelisch geld. Het leger denkt dat dat bestemd was voor de aanschaf van explosieven.
Kolonel Miri Eisen van de inlichtingendienst, die het document presenteerde, zei niet te weten of de bedragen ook werkelijk waren uitgekeerd. Hij vermoedt dat Arafat nooit zelf documenten ondertekende waardoor hij in verband kon worden gebracht met terroristische organisaties. Volgens Eisen is de handtekening van al-Shubaki, een van de naaste medewerkers van Arafat, echter het bewijs voor betrokkenheid van de Palestijnse Autoriteit bij terreurdaden.

Al-Shubaki was degene die de aanschaf van de Karine A financierde. Israël onderschepte dat schip eind vorig jaar in de Rode Zee. Er bleek vijftig ton wapens aan boord te zijn, die volgens de Israëliërs uit Iran afkomstig waren. Palestijnse functionarissen zouden bij de smokkel zijn betrokken.

Arafat heeft tot dusver elke betrokkenheid bij de wapensmokkel ontkend. De VS hadden de Palestijnse leider om tekst en uitleg gevraagd over de affaire, die volgens Washington gezien de "evidente bewijzen" wel verantwoordelijkheid moest erkennen. De kwestie met het schip leidde ertoe dat Israël de banden met de Palestijnse Autoriteit opschortte.
 

terug 

 


 

Lies and disinformation as a Palestinian weapon

Israel Foreign Ministry, April 10, 2002

The Palestinian use of lies and disinformation has been well known for many years but, in recent days it has reached new heights, the likes of which we have not seen before.
The false reports published in the Palestinian media, or from time to time by their spokespeople in the international media, have a double purpose: on the one hand, to delegitimize Israel and, on the other hand, to distract world attention from the Palestinian Authority's deep involvement in terrorism.

The Palestinian collection of lies is particularly disturbing in light of the well-known phenomenon that when a lie is repeated often enough it becomes the truth, even if it has no basis.
Even more disturbing is the willingness of the international media to serve as the instrument for publicizing the Palestinian claims, without checking their veracity and knowing that in many cases they are without foundation. The denials, if they are published later, receive much less publicity; by then, the damage has been done.

Below are a few examples of fabrications disseminated by the Palestinians:

  1. One of the most popular themes, arising from the restrictions placed on Arafat, is the fear for the life of the president. On March 31, Yasser Abed Rabo said, in an interview to the Al Jazeera television station, that a warning was received that the IDF would enter the compound in Ramallah, and that this step was planned by Sharon with the intent to kill Yasser Arafat. The same day, Hassan Asfor said to BBC radio that the IDF had broken into Arafat's offices and that the situation was dangerous, "on the brink of disaster". Also on the same day, Saeb Erekat said on Egyptian television that he was unable to make contact with Arafat and that he feared for his life. Erekat repeated this in an interview he gave to CNN on April 6.

    These fears were all proven to be unfounded.
     

  2. Jibril Rajoub (March 30, on MAHAD TV, a local television station in Ramallah) accused Israel of carrying out a "massacre," executing 30 Palestinians in Ramallah. The announcement was also broadcast on Al Jazeera and other stations.

    The reality, of course, is different: in battles which took place on that day in Ramallah, 9 Palestinians were killed - all of them armed.
     

  3. Palestinian television reported on April 2, on the basis of an official announcement by the Palestinian leadership, that a priest named Jacques Amathis had been killed and dozens of monks wounded in an IDF action in Bethlehem. The announcement was published prominently in the Italian and French media and prompted a storm of protest.

    The following day the 'late" priest was interviewed by the MINSA agency and confirmed that he and the monks in the monastery were safe and well.
     

  4. Arafat, in an interview to Al Jazeera television on April 3, claimed that Israel had "burned the mosque" opposite Santa Maria Church in Bethlehem and "destroyed many churches and mosques." He called upon the Christian and Muslim world to take action. MAHAD TV reported that a fire had broken out in the Omar el-Hatib Mosque in Bethlehem and that the IDF was preventing the fire brigade from reaching the site to extinguish the flames.

    None of these charges has any factual basis.
     

  5. The WAFA (Palestinian News Agency) Internet site reported on April 2 that the IDF had shelled the new mosque in Tulkarm after the muezzin called people to noon prayers.

    In fact, no such incident took place.
     

  6. Jibril Rajoub claimed, in an interview with Syrian television network ANN on March 30, that the only people in the compound of the Preventive Security Services in Betouniya were people working for the service, women and civilians, and that there were no wanted terrorists there.

    The truth, of course, is somewhat different. On April 2, a number of wanted terrorists were captured in the building, including senior members of Hamas involved in many terrorist activities.
     

  7. On the WAFA Internet site, it was reported on April 2 by the Palestinian Minister of Health, Riyad Al Zanoun, that the IDF had taken control of five Palestinian ambulances in Ramallah, forced their teams to strip, and taken them to an unknown site, in order to prevent them from treating the wounded.

    In reality, ever since an explosive belt was discovered in a Palestinian ambulance underneath a stretcher on which a small child was lying (end of March, at the A-Ram check post), the IDF has been forced to act with extreme caution.
    A similar charge, incidentally, was made on April 5 by Al Kuds newspaper, which reported that a Red Crescent ambulance was seized in El Bireh, and that IDF soldiers attacked its driver and the paramedics traveling with him.

    No such incident has ever taken place.
     

  8. In an interview with Abu Dhabi television on March 29, Arafat claimed that "there was also that incident in Hebron, that insolent and criminal incident; they even attacked and killed in the Hebron area three members of the international force: two from Turkey and one of the nurses from Switzerland."

    In fact, in the incident in question, one of the Turkish members of the force was rescued, and he said, in a radio interview, that the attack was carried out by an uniformed Palestinian.
     

  9. The Al Kuds newspaper reported on April 4 that the IDF refused to permit a patient to be transferred by ambulance from the clinic in the Greek Orthodox Monastery in Beit Sahour to hospital in Beit Jala.

    In fact, no such incident took place.
     

  10. The WAFA agency reported on April 5 that the IDF shelled the Um Nasser neighborhood, the Al Udeh towers and the residential areas near the Salah a Din road in the northern Gaza Strip.

    The reality was somewhat different - the mortar shells were fired by the Palestinians themselves, but landed in their own territory.
     

  11. The Al Kuds newspaper reported on April 5 that the prisoners in Ofer Camp, near Givat Ze'ev, undergo torture, including breaking their fingers.

    This allegation too has no basis.
     

  12. The WAFA news agency reported on April 6 that a person named Ali Mustafa Abu Razek, aged 30, was shot and killed by the IDF close to the Sufa Crossing.

    In fact, Abu Razek was a terrorist who was trying to place an explosive device and was blown up together with the device.
     

  13. At the beginning of the events, IDF soldiers were accused of broadcasting pornographic films on Al Watan television in Ramallah.

    This claim was thoroughly investigated by the IDF and found to be baseless.
     

  14. On April 5 Nabil Sha'ath claimed in the Saudi 'Okaz' that Israel had forged the document seized from Arafat's office in Ramallah indicating that the Palestinian Authority was funding the Al Aksa Martyrs Brigade.

    The document is of course authentic, and in the meantime other documents have been found indicating the involvement of the Palestinian Authority and of Arafat in terrorism and in its funding.

These are just a few examples of the uncontrolled Palestinian disinformation campaign being waged also in the leading world media networks. This campaign creates a picture of Israel as a cruel and inhumane country, which damages holy sites, persecutes first aid agencies in contravention of the Geneva Convention and so on.

The reality is different. The ones who are harming innocent civilians are the Palestinians terrorists. The ones who are desecrating holy sites, and not for the first time, are the Palestinians. The ones who are violating the Geneva Convention and using ambulances and hospitals for other than their real purpose - are the Palestinians.

A propos the use of ambulances, there is a famous picture from Bethlehem showing a tank moving aside two ambulances blocking its path. For some reason, no one gave a thought to this use of these ambulances as a barricade - not one of the natural and protected uses of ambulances.

We are publishing these things because we suspect that the Palestinians will claim that a massacre took place in the Jenin refugee camp, in view of the heavy losses that they sustained in the bloody battles that were fought there.

The Palestinians are preparing the ground for such a claim. On April 6, they published an urgent call to the international community to intervene immediately in order to save the lives of the residents of the refugee camp, because the camp was under merciless attack and "there are dozens of dead and injured, a situation which could reach the scale of a new Sabra and Shatilla massacre." They do not allow bodies to be evacuated from the site so as to intensify the effect, and the only thing left for us to do is to be prepared and to reject any attempt to draw such a comparison.

This is particularly important against the background of the item by Al Jazeera reporter Walid Alamari, who announced on April 8 that, according to information coming from the Jenin refugee camp, all the resistors and fighters are wearing explosive belts. If this is the case, then we are talking about a bloody battle and not a massacre. But the associations that the Palestinians are trying to arouse are stronger than the facts.

 
terug 

 


 

Meer achtergrondartikelen vindt U op onze Engelstalige site.

Terug